RK Wageningen

Maandag, 20 januari 2020

32ste zondag door het jaar C 2016

Inleiding

2 Makkabeeën 7:1-2, 9a
Lucas: 20:27‑38

Wageningen 2016

 

Met een verfomfaaid verhaal komen de Sadduceeën bij Jezus. Het is het verhaal dat u in de eerste lezing hebt gehoord. Daar werd verteld, dat in de eerste eeuw vóór onze jaartelling de Griekse bezetting van Palestina was overgegaan tot vervolging van gelovige, Thoragetrouwe Joden. Zeven broers en hun moeder werden gedwongen om het verboden varkensvlees te eten. Toen ze dat weigerden, werden ze één voor één ten dode toe gemarteld, terwijl de anderen moesten toekijken. Als laatste stierf ook de moeder, de vrouw. 

Om hun vraag nog wat gewichtiger te laten lijken, haalden de Sadduceeën er nog een wet uit Leviticus bij. Die wet hield in, dat een man kinderen moest verwekken voor zijn broer, die kinderloos gestorven was. Met andere woorden: hij moest de weduwe in huis nemen. En met haar omgaan als een van zijn vrouwen. 

Die zeven broers uit het verhaal waren natuurlijk helemaal niet in de gelegenheid geweest om aan die wet te voldoen… dus hoe moest dat nou bij de opstanding… ? Ze hadden toch alle zeven recht op die vrouw van de oudste als hun echtgenote…? Ziet u wel Jezus, dat verhaal van de opstanding is maar grote onzin!? Wij, priesters van de tempel, wij geloven daar dan ook helemaal niet in! 

Voor dat ik verder ga, maak ik eerst twee kleine uitstapjes. 

Het eerste betreft het woord martelaar. In ons hedendaags taalgebruik zijn er twee woorden martelaar in omloop: een van christelijke oorsprong en een in de mond van extremisten, die zich moslim noemen. 

Het verschil tussen die twee is, dat een Christelijke martelaar nooit de hand aan zichzelf slaat. Hij wordt gedood. Bovendien heeft hij ook zeker niet de bedoeling om zoveel mogelijk onschuldige mensen, toevallige voorbijgangers, in zijn dood mee te slepen. Denk bijvoorbeeld aan die priester die in Syrië, bekend van zijn oproep op de Televisie. Hij weigerde om zijn mensen in de steek te laten, en vermoedelijk daarom werd doodgeschoten. Zó iemand noemen christenen een martelaar! 

Mijn tweede opmerking gaat over de opstanding. De mensen in de tijd van de Makkabeeën hadden altijd geloofd in het gezegde: God loont het goede en straft het kwade. Maar nu leek het wel of het ongekeerde waar was. Mensen die trouw de Thora naleefden, vonden zelfs op jonge leeftijd al de dood, terwijl zij, die het zo nauw niet namen met de Thora, lang en gelukkig verder leefden! 

In die crisissituatie ontstond het geloof in de opstanding en het begon te bloeien als een bron van kracht, zoals u in de eerste lezing hoorde. Vandaar misschien ook het verband tussen de woorden: opstand (verzet) en opstand-ing (verrijzenis)! 

Hoe reageert Jezus op die nieuwe ontwikkeling in zijn tijd? Ging hij met zijn tijd mee? Ja, zeker! Net als het grootste deel van het gelovige volk omarmt hij van harte het geloof in de opstanding en Hij leeft zijn jonge leven én zijn sterven vanuit dat geloofsgegeven. 

Tegenover de Sadduceeën belijdt Jezus: De kinderen van deze wereld huwen en worden uitgehuwelijkt, maar wie waardig bevonden is, deel te krijgen aan de komende wereld en aan de opstanding van de doden, huwt niet en wordt niet uitgehuwelijkt. Zij kunnen ook niet meer sterven, want ze zijn als boodschappers geworden; en ze zijn kinderen van God, juist omdat ze deel hebben aan de opstanding. 

U begrijpt wel, dat wat zijn tegenstanders zeggen, ook voor Jezus zelf een ernstige bekoring, verzoeking, is. Heeft het wel zin, om op de ingeslagen weg voort te gaan? Hij weet ook wel, dat zijn manier van doen tot een geweld­dadige dood moet leiden. Moet hij maar niet liever te rade gaan bij het gezond verstand? Ook hij leeft toch maar één keer! 

Hij laat zich echter niet van de wijs brengen door wat mensen zeggen en denken: dood is dood. Hij weet, dat het wél de moeite waard is, om je in te zetten voor een maatschappij naar Gods hart, dat het wél loont om je druk te maken voor een eerlijke verdeling van de welvaart, dat het wél zin heeft om te protesteren tegen geweld en onderdrukking, tegen martelen en moorden. 

Hij zegt: mensen, die zich inzetten voor anderen, hebben wel degelijk deel aan het komende Koninkrijk Gods, ook als ze geen kinderen nalaten. Zij worden en blijven boden van God. Zij worden naar de mensen gezonden. Zij zijn voortaan boodschappers, klokkenluiders, want zij hebben een stém gekregen, een stem, die niet verstomt, niet meer verstommen kan, juist nu ze zijn gestorven. 

Iedere dictator weet dat ook. Iedere onderdrukker weet, dat de martelaren, die hij maakt, tot de verbeelding van de mensen blijven spreken, en dat hij zelf ‑ na hen gedood te hebben ‑ machteloos geworden is, om die stem daarna nog ooit tot zwijgen te brengen. Niemand kan meer de stem van een Maarten Luther King, van een Gandhi, van Jezus van Nazareth of van slachtoffers van smerige oorlogen tot zwijgen brengen, zoals we nog dagelijks ervaren en in de krant kunnen lezen. 

Het evangelie verzekert ons vandaag: het is de moeite waard om je in te zetten voor recht en gerechtigheid, om je leven te wijden aan de dienst aan de naasten, om te werken aan het komen van Gods koninkrijk, ieder op zijn of haar eigen plek en op je eigen wijze. En Jezus denkt zelfs, dat geen prijs daarvoor te hoog is, omdat God een God is van levenden, zelfs als we gestorven zijn in deze wereld. 

Over het hoe van dat hiernamaals weten we uiterst weinig. Ook Jezus heeft er ons inhoudelijk weinig of niets over verteld. Het enige, dat we met absolute zekerheid mogen weten, is: dat God in eeuwigheid niet laat varen het werk, dat hij zelf begonnen is. En dat hij trouw is aan iedere mens, omdat hij die mens liefheeft met een onverwoestbare liefde. 

Jezus verwoordt dat schitterend in dit evangelieverhaal. Het is om er tranen bij in je ogen te krijgen. Hij zegt: 

God wordt in de Thora genoemd:
God van Abraham, de God van Izaak, de God van Jakob.
En onze God - zegt Jezus - is geen God van doden,
maar een God van levenden. 

Onze dierbare doden zijn in Gods hand.
Zij zijn in vrede.

Copyright © 2020 RK Wageningen. Alle rechten voorbehouden.