RK Wageningen

Zondag, 26 januari 2020

6de zondag van Pasen jaar C 2016

Johannes 14:18+22-29

Wageningen 2016 

Het evangelie dat U zojuist hoorde voorlezen, is maar een heel klein gedeelte van het indruk-wekkende en mystieke hoofdstuk 14 uit het evangelie van Johannes. Jezus begint dit gedeelte van zijn afscheidsrede met te zeggen waar hij het nu met zijn leerlingen over wil hebben, met ons dus. Hij wil ons vandaag met zijn lieve woorden gaan troosten en bemoedigen. Hij zegt daarom: : Laat je hart vooral niet verontrust en angstig worden! 

Ja, want wie zou er niet bang worden als hij/zij dagelijks naar het journaal kijkt? In Syrië worden ziekenhuizen gebombardeerd, elders is een terroristische aanslag met tientallen doden en gewonden, mensen berooft en vermoord… En je hoopt maar, dat dit geweld ver weg blijft. Maar de angst slaat je om het hart, en je bidt – nogal egoïstisch – dat zoiets in ieder geval hier niet gebeurt. 

Aan zijn oproep om – te midden van die verschrikkingen - meester te blijven van je hart, voegt Jezus een merkwaardige zin toe. Een uitspraak, die geen enkele andere stichter van een wereld-godsdienst ooit heeft gedaan. Zelfs Mozes niet, of Mohammed, en ook Boeddha niet. Jezus zegt: jullie geloven in God, aan hem vertrouw je jezelf toe… geloof zó - in diep vertrouwen - ook in mij. 

Op dit belangrijke uur van afscheid, waarop alles wegvalt, waarop bijna niets er voor hem nog toe doet in dit leven, is het enige dat nog wel telt, zijn band met ons, zijn leerlingen. Ik ben voor jullie zo goed als God. Jij gelooft in God, vertrouw je zó ook toe aan mij. 

Een warme, lieve uitspraak om diep te verankeren op de bodem van je ziel; een mantra om eindeloos te herhalen op het ritme van je adem, beeld van Gods Geest. Jij gelooft in God, vertrouw je zó ook toe aan mij. En luister daarbij - heel stil - naar het antwoord, dat zich losmaakt en opstijgt uit peilloze diepte. Jij gelooft in God, vertrouw je zó ook toe aan mij. 

Ik laat jullie niet als wezen achter. Ik kom terug. Zo begon onze evangelielezing. Bij dat ‘terug-keren’ moeten we niet alleen denken aan zijn wederkomst op het einde der tijden, maar veeleer en vooral aan zijn blijvende aanwezigheid onder ons; ook na zijn lijden en sterven zal hij immers onder ons zijn als de opgestane Heer. 

Zoals voortdurend in ons christendom, is ook hier sprake van een paradox, een wonderlijke ma-nier van spreken om datgene, wat onmogelijk onder woorden gebracht kan worden, toch ter sprake te brengen: zijn heengaan, zijn sterven is - o wonder - zijn komen-naar-ons. 

Als iemand mij liefheeft, in mij gelooft, zich aan mij toevertrouwt … dan zal die mens mijn woorden ter harte nemen: dan zal ook mijn vader van hen houden en wij - de vader en ik - zullen komen en ons een thuis bij hen maken. 

Weer zo’n kostbare zin, ongelooflijk eigenlijk … en niet te vatten. Goddelijke woorden om te koesteren, te proeven en te smaken. Een belofte om te kussen, en ook weer om eindeloos te overwegen: De Eeuwige en zijn Gezalfde maken zich een thuis bij mij! Wie kan het geloven? Wie heeft daar ooit over durven dromen? 

Ontdaan van alle mystiek en nuchter geformuleerd… je bent voortaan niet meer alleen; je staat er niet alleen voor, voor al die ellende in de wereld… die onophoudelijke dreiging, die ieder moment kan opdoemen in de media. De Heer is mijn herder. Wat méér zou ik verlangen? Als je je afvraagt, of zachtjes in jezelf zingt: waar zijt Gij te vinden? Kun je hem ontmoeten in je eigen hart, telkens opnieuw, iedere dag weer. 

Heet hem dan ook hartelijk welkom in jouw huis, in jouw leven, te midden van je zorgen, je angsten, maar ook met je vertrouwen, je verwachtingen voor de toekomst, en je vreugde. 

Weet, dat hij je bovendien nog een helper heeft toegezegd, Gods geest. Luister naar zijn stille stem. Hij zal je in alles verder onderrichten en hij zal in herinnering roepen al wat Jezus je ge-leerd en gezegd heeft. 

Ik eindig deze overweging met de slotwoorden van Jezus: 

Vrede

laat ik jullie na,

mijn eigen vrede geef ik jullie,

een andere vrede

dan de wereld te bieden heeft.

Je moet je dus niet laten verontrusten

en de moed niet verliezen.

Copyright © 2020 RK Wageningen. Alle rechten voorbehouden.