RK Wageningen

Zondag, 27 september 2020

2de zondag van de advent C 2015

BARUCH 5 

1          Jeruzalem, leg het gewaad van je verdriet en je lijden af
            en hul je voorgoed in de waardigheid van Gods majesteit;
2          sla de mantel van Gods gerechtigheid om
            en zet de kroon van de luister van de Eeuwige op je hoofd. 

3          God zal je laten schitteren voor heel de wereld.
4          Voor eeuwig luidt de naam die God je geeft:
            'Vrede door gerechtigheid',
            'Glorie door vroomheid'. 

5         Richt je op, Jeruzalem, ga staan op de berg, 
           richt je blik naar het oosten en zie je kinderen,
           uit alle windstreken bijeengeroepen door de Heilige,
           zich verheugend over Gods trouw.

6         Te voet gingen ze bij je vandaan,
           meegevoerd door de vijand,
           maar vorstelijk is hun terugkeer en intocht,
           nu God hen bij je terugbrengt.

7         Hij, de Eeuwige,
           gebood elke hoge berg en iedere aloude heuvel
           hun hoogte te slechten,
           en (Hij gebood) elk ravijn zich te vullen,
           opdat de aarde geëffend zou worden
           en Israël, door Gods macht,
           met vaste tred kan gaan.

8          De bossen en alle geurige bomen
            bieden op Gods bevel aan Israël hun schaduw.

9          God zal Israël met vreugde leiden
            bij het licht van zijn luister,
            onder betoon van zijn barmhartigheid en gerechtigheid. 

 

 

TWEEDE ZONDAG VAN DE ADVENT C

 

Baruch 5:1-9
Lucas   3:1-6

                                       Wageningen 2015 

De twee Schriftlezingen van vandaag komen daarin overeen dat beide naar woorden van de profeet Jesaja verwijzen. Zowel Baruch in de eerste lezing  als Lucas in het evangelie houden ons de bekende tekst voor, die spreekt over het slechten van bergen en heuvels, het opvullen van ravijnen, wat krom is recht maken, kortom over het gelijk maken en het bereiden van de weg des Heren (Jesaja 40:3-4). 

Nu is het zo: als een auteur van een Bijbelboek een ander Bijbelboek citeert dan gaat hij met die tekst heel vrijmoedig om. Zo nodig geeft de auteur er een eigen draai aan; en in ieder geval zorgt hij, dat die geleende, oude tekst goed past in wat de schrijver van het nieuwe boek te zeggen heeft. 

We verstaan onmiddellijk wat Lucas wil zeggen als Johannes de Doper uitroept: Bereidt de weg des Heren, maakt zijn paden gelijk. Het is een oproep dat alle mensen, ook wij, die in de 21ste eeuw leven, aan de slag moeten met ons eigen leven. Dat we in deze adventstijd alles uit de weg moeten ruimen wat ons hindert om Jezus op het komende feest van Kerstmis waardig te ontvangen. 

Wat staat er bij mij in weg - zo vragen we ons af - om open en eerlijk dat feest te gaan vieren? Wat moet ik in mijn leven veranderen en/of verbeteren? Doe dat dan zegt de profeet Johannes uitdrukkelijk. En, zo voegt de liturgie er stilzwijgend aan toe: laat die Godsgezant geen roepende in de woestijn blijven! 

Baruch gaat echter met diezelfde tekst uit Jesaja heel anders om.

[Nu is Baruch voor velen van ons, denk ik, een onbekend Bijbelboek. Het staat niet eens in de Hebreeuwse Bijbel, ook niet de protestantse vertaling, maar wel in de Griekse Bijbel en dus ook in de Katholieke versie. Het boek Baruch is heel laat tot stand gekomen. Het verscheen vermoedelijk pas in de eerste eeuw vóór de geboorte van Jezus. Deze auteur put graag uit de oudere boeken om zijn lezers –vooral de joden, die in Egypte leven, te bemoedigen.] 

Ook hij, (Baruch) gebruikt die tekst van Jesaja over de hoogten en de ravijnen, over de weg des Heren, maar hij doet dat heel anders dan Johannes de Doper bij Lucas. Hij doet het - als je wilt - op een dieper niveau. 

Bij Baruch wordt niet de méns opgeroepen om in beweging te komen. God zelf is hier de handelende persoon. Met zijn machtig woord sloopt de Eeuwige zelf de hoogten, vult de ravijnen op, Hij zelf maakt recht al wat krom is en weerbarstig. 

De mensen van Jeruzalem (wij dus!) worden door Baruch eerst opgeroepen om op de berg te gaan staan. Het is de berg die we allemaal kennen: de berg waarop Mozes stond toen hij – vlak voor zijn dood - het Land van Belofte mocht aanschouwen. De berg ook waarop Maarten Luther King heeft gestaan, de laatste avond vóór hij vermoord werd. Ook hij aanschouwde toen de voltooiing van Gods belofte. 

Baruch nodigt ook ons uit om daar vandaag samen met hen te gaan staan en ons op voorhand te verheugen over Gods heil, dat beloofd is en dus zeker komt, ook al ziet het er in de wereld op het ogenblik somber uit met die nooit aflatende oorlog in Syrië, die spanning tussen de volkeren en met de dreiging van aanslagen. 

Dat komende heil wordt door Baruch beschreven in oude beelden. Mensen, ballingen, vluchtelingen, die een hard leven achter de rug hebben, die door de knellende structuren van hot naar haar gesleept zijn, worden door God zelf weer thuisgebracht. Zij komen dwars door de barre woestijn, die tot nu toe door alle reizigers was gemeden. Maar het is God die met zijn machtig woord alle heuvels en bergen gebiedt om zich te vernederen en vlak te worden. Alle ravijnen krijgen de opdracht zich te vullen. Alle heerlijk geurende bomen moeten schaduw bieden tegen de verzengende hitte. God zelf is de lieve Wegbereider ook voor ons, Gods volk onderweg. 

Hoe vertalen we deze oeroude beelden naar onze wereld-van-vandaag? Wat zeggen die beelden over ons leven van alledag? Wat wil Baruch er ten diepste mee zeggen? Mijns inziens dit: We kennen allemaal de geschiedenis van de wereld, zoals die in de krant staat beschreven en die dagelijks op de TV aan ons voorbijtrekt. Maar – zegt Baruch en met hem de hele gelovige, joodse en de christelijke traditie – op een veel dieper niveau dan ons menselijk gehannes en geklungel, is God zelf bezig zijn plan met de wereld tot voltooiing te brengen.
Niemand en niets kan de Eeuwige daarbij weerstaan of zijn plan doen mislukken. 

Baruch nodigt ons vandaag uit om met God op dat veel diepere niveau opnieuw naar de wereld te kijken. Om daar gelovig contact met de Eeuwige te maken en opnieuw de vraag te stellen: wat wilt U, Heer, dat ik, dat wij zullen doen om ons - in harmonie met U – maatschappelijk en kerkelijk voor te bereiden op de Kerst? 

Als gelovigen hebben we te maken met die goddelijke onderstroom, die ons leven en heel de wereld leidt. We weten daarom dat het omgaan met iedere crisis een geestelijk proces is, dat met gelovige ogen wil worden waargenomen en met een liefdevol hart bemediteerd. 

Verbinding zoeken met de Heer van de Wereld, die uiteindelijk alles ten goede leidt, is daarom niet alleen een voordurende opgaaf, maar dat intense zoeken kan ook een levengevende, spirituele bron worden. Een bron van troost ook, een bron van bemoediging en vertrouwen. Immers, de mens wikt, maar God beschikt. 

In die zin
is het voor heel de kosmos
en voor alle gelovigen: Advent,
hoopvol wachtend op de komst van Jezus
Messias.

 

Secretariaat

Bergstraat 17
6701 AB Wageningen
0317 - 747111
Email 

 

Bereikbaarheid
Ma t/m vr van 10:00 – 12:00
In spoedgevallen:
06 - 16 77 77 05 (24 uur /7 d)

ICC (English)

Parochieblad

Copyright © 2020 RK Wageningen. Alle rechten voorbehouden.