RK Wageningen

Zondag, 26 januari 2020

Allerheiligen 2015

ALLERHEILIGEN

Openbaring 7:2-14
Matteüs 5:1-12

Wageningen 2015

 

Als je naar Israel reist zal de gids je een berg aanwijzen, die de Berg van de Zaligsprekingen wordt genoemd. Maar Matteüs ziet dat bestijgen van de Berg meer als: Jezus, die - in mystieke verbondenheid - samen met Mozes zich op de berg van God bevindt. Zoals Mozes, onze Leraar, gaat daar hij zitten. En – zo schrijft de evangelist letterlijk – hij opende zijn mond.

De auteur wil daarmee zeggen, dat de woorden, die uit de mond van deze rabbi vloeien, uit een diepe en intense stilte omhoog komen, en dat die woorden alleen verstaan en geproefd kunnen worden als in eenzelfde stilte van een luisterend hart ontvangen worden… als acht kostbare parels. 

Toen Jezus de menigte, die samengestroomd was, gezien had en die mensenmassa aandachtig in ogenschouw had genomen, gebeurde er blijkbaar iets met hem. Die menigte liet hem niet onberoerd. Was hij verwonderd over hun aandacht, hun verlangen hem te horen? Werd hij misschien verdrietig als hij dacht hoeveel lijden en pijn eronder hen heerste, hoeveel onwetendheid? Zag hij met blijdschap, dat verschillende groepen zich al op de goede weg bevonden? Begon hij spontaan hele groepen uit het volk te troosten en uitbundig te prijzen met zijn achtvoudig loflied? Of moeten wij zijn woorden eerder verstaan als vermaningen, terechtwijzingen en aansporing? 

Mediterend zouden we ons voor kunnen stellen, dat Jezus ook nú zijn lieve ogen laat gaan over ons zoals wij hier vanmorgen zitten. En dan a.h.w. door de muren heen zijn blik over alle mensen op de wereld laat gaan: blanken en zwarten, bruinen en gelen, Indianen en Eskimo's, Christenen en niet-Christenen, Boeddhisten, Islamieten en Hindoes, mensen zonder godsdienst, humanisten en agnosten, bekenden en onbekenden. Hoe kijkt Jezus naar de mensen van onze wereld, denkt u? De goeden en de slechten…? 

Na het woord 'zalig', of, - in een andere vertaling 'Op de goede weg' - volgen dan acht spreuken, woorden van wijsheid, acht karakteristieken van mensen, die blijkbaar goed bezig zijn in hun leven. Mensen, die zich niet op een doodlopende weg bevinden, mensen voor wie waarachtig léven - als een belofte - in het verschiet ligt, als iets dat hun toekomt.

Op de goede weg: zijn de barmhartigen, de zuiveren van harte, de zachtmoedigen, de brengers van vrede. 

Het meest opvallende is misschien wel, dat die kernachtige spreuken van hem niet verbonden zijn met een bepaald geloof. Omdat deze woorden in de Bijbel staan, duurt het even voor dat dit tot je doordringt en voordat je het goed durft te realiseren. Er staat niet meer (maar ook niet minder!) dan: als je bouwt aan de vrede, of als je opkomt voor het recht van welke minderheid ook, als je oogmerken zuiver zijn, of als je barmhartig bent, als je zó door het leven gaat, dan bén jij op de goede weg. Punt. Ook als je van een andere levensovertuiging je uitgaat, mag je er terecht achter denken! 

Tussen haakjes, wat een troost voor zo veel ouders, die kunnen zeggen: mijn kinderen gaan wel niet meer naar de kerk, maar sociaal en menselijk gezien, zijn ze goed bezig. 'Ook die zijn dan op de goede weg', zegt Jezus ons vandaag. 

Dit evangelie roept ons op tot dankbaarheid voor al het goede, dat God ons geschonken heeft - en nog steeds schenkt - door verschillende mensen uit allerlei vreemde culturen, mensen uit verschillende religies en uit verschillende tijden. Mensen, die ons kunnen inspireren, die ons de weg wijzen naar waarachtig leven. Je zou daarbij kunnen denken aan een Anne Frank en Etty Hillesum, twee jonge, joodse vrouwen, die ons een weg gewezen hebben door een uiterst duistere tunnel van lijden en angst. Of aan Mozes, volgens de bijbel de allerzachtmoedigste mens op aarde. 

Je zou kunnen denken aan  Gandhi, een man met een Hindoegeloof, die geïnspireerd werd door de Bergrede, en ook aan ons, christe­nen, de weg heeft geleerd van geweldloosheid te midden van oorlog en onderdrukking, in een wereld vol zinloos geweld. Je zou die koningszoon kunnen noemen, die zo begaan was met het lot van lijdende mensen, dat hij zijn Koninklijke waardigheid opgaf en met zijn hele wezen een leven lang gezocht heeft naar het Pad van Innerlijke Vrede. Zo is hij voor miljoenen mensen een lichtend voorbeeld geworden: Boeddha, hij- die-Verlicht-is, is zijn naam geworden. 

Vandaag gaat het echter ook over doodgewone mensen, die de loop van de geschiedenis misschien niet zo zichtbaar hebben veranderd, en die ook nooit in het nieuws zijn geweest. Mensen als u en ik, maar die wel in alle stilte uitsteken boven de middelmaat. Rusteloze zwoegers voor vrede: vrede tussen de volkeren, vrede tussen de kerken in de oecumene, vrede dichtbij in de familie en in de wijk. Zij worden allemaal uitbundig door de Heer geprezen. 

Maar ook de werkers voor recht en gerechtigheid. Zij, die opkomen voor de zwakken in de samenleving. De zwoegers, die het lot willen verbeteren van figuren aan de rand van de maatschappij. Zij allen ontvangen vandaag een hoge onderscheiding: zij, die troost bieden en steun betekenen voor bedroefden, de duizenden vrijwil­ligers, steeds in de weer voor dakloze zwervers, asielzoekers, zieken, psychiatrische patiënten, kortom, voor mensen, die in de wereld-van-alledag niet langer in tel zijn. 

Wat meer moeite hebben we misschien met de armen mensen, die geprezen worden en zij, die treuren. Wat prijzenswaardigs is er bij hen te vinden? Met armen en treurenden zijn hier bedoeld: mensen, die ondanks alle ups én downs in het leven, zich uiteindelijk niet laten terneerslaan, die niet blijvend gebukt gaan, maar moedig hun weg voortzetten, vertrouwend op wat beloofd is. Zo zijn ook zij op de goede weg. 

Treuren zou je ook mogen en moeten wanneer solidariteit, de onderlinge band van liefde en verdraagzaam­heid in de samenleving verloren dreigen te gaan. Als je daarover treurt, als dat jou een zorg is, ook dan ben je op een goede weg. 

Het feest van vandaag is nog veel concreter dan je wellicht denkt. Het gaat over die mensen, die u goed gekend hebt en die een eindje met jou zijn opgelopen op de weg. Mensen, die jou richting hebben gewezen, die jou de ogen hebben geopend en een voorbeeld voor je zijn geweest, en misschien nog steeds zijn. Je zou vandaag je leven eens na moeten gaan en zien, wie er in aanmerking komt om door u vandaag herdacht te worden, omdat hij of zij ‑ op een of andere manier ‑ u iets heeft laten zien van 'de goede weg'. 

Terwijl we zo bezig zijn ons mensen‑van‑de‑goede‑weg voor de geest te halen, doemt achter al die mensen een levensgroot portret van Jezus zelf op. Want in al die mensen vonkelt een stukje van Jezus zelf. Of ‑ om het iets anders te zeggen ‑ ieder van de acht zaligsprekingen is een icoon, een klein portretje van Jezus zelf. Hij is het, die het goede bewerkt in al zijn heili­gen ‑ heiligen met een grote H of met een kleine letter. Hij is de arme, de zachtmoedige, de barmhartige, de vredestichter, de vervolgde bij uitstek. Hij zelf is die goede weg gegaan, die hij ons vandaag voorhoudt. Hij nodigt ieder van ons vandaag uit om met hem 'die goede weg' te bewandelen samen met allen die ons in de dood zijn voor gegaan.

 

Copyright © 2020 RK Wageningen. Alle rechten voorbehouden.