RK Wageningen

Zondag, 26 januari 2020

Negentiende zondag door het jaar C

NEGENTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR C

Wijsheid van Salomo 6-9

Brief aan de Hebreeën 1-19

Lucas 12:32‑40

                               Wageningen 2013

Wij moderne mensen uit de 21ste eeuw zijn vaak ongeduldige mensen, die met onze gedachten geregeld in de toekomst verkeren en nauwelijks acht slaan op wat er rondom ons gebeurt en wat de moeite waard is om op te merken.

Wie van ons kent dat karakteristieke zinnetje niet: als maar eerst… We gebruiken het te pas en te onpas. Als maar eerst die hittegolf voorbij is… als maar eerst de scholen weer zijn begonnen… en als dan de kinderen weer naar school zijn: als het maar eerst Kerstmis geweest is, als het maar eerst weer voorjaar is. Zelfs als we op vakantie gaan, denken we: als we maar eerst België door zijn… als we maar eerst op de camping zijn… Zo rennen we niet zelden door de kostbare dagen van ons leven heen.

Hoe komt dat eigenlijk? Soms denk ik wel eens, dat heeft ten diepste te maken met onze - misschien wat foutieve! - christelijke kijk van de bijbelse tijd.

Toen het Christendom het Nieuwe Testament bij de oude joodse bijbel begon in te binden, ging het hele Oude Testament a.h.w. reikhalzend staan naar het Nieuwe. De tekst, de lettertjes bleven wel hetzelfde, maar werden anders gelezen. Het hele eerste deel van onze Bijbel, het zogenaamde Oude Testament, werd door ons gelezen als één groot verlangen naar: als maar eerst…als maar eerst de Messias geboren is…

Zó lees de joodse gemeenschap hun bijbel niet! Ze noemen hun bijbel dan ook geen Oude Testament, maar Tenach. En dat boek, hun bijbel is af, punt… uit, ook al verschilt hun bijbel – hun Tenach - qua inhoud niet of nauwelijks van ons Oude Testament. Zij hoeven daarom niet reikhalzend uit te kijken naar nog een nieuwere tekst. Hun bijbel is compleet. Zij hebben, zo gezegd, alle tijd om te kijken naar het hier en nu.

Trouwens, we kunnen ons ook Jezus niet voorstellen met dat favoriete zinnetje van ons op de lippen: als maar eerst… als ik maar eerst de 12 de apostelen heb aangesteld… als ik maar eerst mijn Bergrede heb uitgesproken… Integendeel, we hebben voor Jezus de gelovige, diep religieuze term gecreëerd: de Allerheiligste T e g e n w o o r d i g h e i d.

Jezus wordt in de Schrift getypeerd als iemand die er is, er helemaal bij is, telkens als hij met een mens spreekt, als hij een zieke geneest, als hij bidt, als hij in Galilea wandelt van stad tot stad.

Deze lange inleiding is een voorwoordje bij de evangelielezing van vandaag. Jezus spoort ons in deze zondagse lezing aan om te zijn 'als knechten die hun heer opwachten, zodat ze gelijk open kunnen doen, zodra hij thuiskomt'.

Dat wil echter niet zeggen, dat we voortdurend moeten fantaseren hoe heerlijk het wel zal zijn als hij er eindelijk is en voor de deur staat. Of, om het eens met de woorden van mijn Amerikaanse vrienden te zeggen: I can hardly wait… Want ik denk, dat die onrustige uitsprak van ons in iedere moderne taal zijn in zijn eigen idioom te vinden is!

Of nog anders: een soldaat-op-wacht wordt niet aangeraden om vooral bezig te zijn met: als maar eerst… die twee lange uren van mijn wachttijd voorbij zijn… Inderdaad, in tegendeel, hij moet geheel en al in het nu zijn: opletten en waarnemen wat er nú aan de hand is, wat er nú gebeurt, híér, op deze plek.

Of nog weer anders, nog fundamenteler gezegd: het gaat in het christendom in de eerste plaats om het leven nu, hier op aarde, niet om het dromen over een heerlijke toekomst. Het voorbeeld van Jezus, beschreven in de evangeliën bevestigt dat, en ook de levensgeschiedenissen van alle heiligen getuigen precies daarvan, dat ze gelééfd hebben, geleefd in aandacht voor mensen… dat ze de tekenen van hun tijd hebben verstaan.

Alle beloften van eeuwig leven, van een hemels gastmaal, zijn aansporingen om juist hier en nu het goede te zoeken, en het goede te doen; om de presentie van de Heer waar te nemen… en je alle zegeningen te realiseren, die je in het leven van alledag ten deel vallen

Ook ons evangelie schroomt niet het geluk breed uit te meten als de Heer eenmaal komt: gelukkig de knechten - zo lazen we - die hij bij zijn aankomst wakend vindt. Ik verzeker jullie: hij zal zich omgorden, hen aan tafel nodigen en zelf hen gaan bedienen!

Maar - ik denk om ons te behoeden van al te lang dromen over daar en dan, zet Jezus ons weer met beide benen op de grond van de aardse werkelijkheid: Als de heer des huizes geweten had op welk uur de dief zou komen zou hij in zijn huis niet hebben laten inbreken. Wees dus waakzaam. Wees alert, wees present. Sta klaar. Wees tegenwoordig, zoals Ik – Jezus van Nazaret - tegenwoordig ben, overal waar jij in liefde, en met hart en ziel aanwezig bent.

Copyright © 2020 RK Wageningen. Alle rechten voorbehouden.