RK Wageningen

Zondag, 25 juni 2017

Jacobakoekjes

Legende van de Jacobakoekjes

Een van de talrijke verhalen die over Franciscus bekend zijn, vertelt over vrouwe Jacoba Frangipani († 1239; feest 8 februari). Zij was een weduwe, stammend uit de Romeinse adel en bezat een landgoed te Septisoles niet ver van Rome. Op zijn talrijke bezoeken aan Rome ging Franciscus herhaaldelijk bij haar langs. Zij luisterde graag naar hem en had er plezier in lekkere dingen voor hem klaar te maken. Franciscus noemde haar liefkozend Broeder Jacoba. Toen Franciscus stervende was en voelde dat zijn einde naderde, gaf hij een van zijn broeders de opdracht Vrouwe Jacoba te gaan waarschuwen. Dan konden zij nog afscheid nemen van elkaar. En of ze dan niet wilde vergeten nog één keer van die lekkere koekjes voor hem te bakken. Maar de broeder had nauwelijks de stadspoort van Assisi achter zich gelaten, of daar zag hij in de verte Vrouwe Jacoba al aankomen, en naar gauw bleek, mét haar koekjes. Zij had zelf al gevoeld dat Broeder Franciscus snel achteruit ging. Maar toen zij voor de poort van het kloostertje verscheen waar Franciscus werd verpleegd, kon broeder portier haar niet binnenlaten; een vrouw mocht niet in het slot. In verlegenheid ging hij aan Vader Franciscus zeggen dat Zuster Jacoba buiten voor de poort stond, maar dat hij haar niet kon binnenlaten vanwege het slot. Na enig nadenken zou Franciscus toen geantwoord hebben: "Nee, dat is zo, Vróuwe Jacoba mag niet in het slot. Maar Bróeder Jacoba natuurlijk wel. Ga nog eens kijken om te zien of het niet Broeder Jacoba is die van mij afscheid komt nemen." Stralend om deze simpele oplossing liet broeder portier Broeder Jacoba bij de stervende Franciscus…..

 

Recept

Ingrediënten

Voor ca. 30 koekjes (een bakplaat)

125 g boter 250 g tarwemeel 40 g suiker of honing 1 ei, losgeklopt 4 druppels amandelessence of likeur snufje zout

voor de garnering: ca. 20 amandelen, heel of gehakt.

Bereidingswijze:

Meng alle ingrediënten (behalve de amandelen) door elkaar tot een soepel deeg. Laat dit een half uur rusten (niet in de koelkast!)

Vorm daarna van het deeg een of twee rollen van ca. 4 cm doorsnee. Wikkel die in folie om uitdrogen te voorkomen en leg ze een halve dag in de koelkast.

Snijd daarna van de deegrol plakjes van ca. O,5 cm dik en garneer ze met hele of stukjes amandel. Je kunt ook vormpjes van vogeltjes en bloemen gebruiken of met het deeg slierten maken en die (met kinderen) bloemen zelf maken. Leg ze op bakpapier of een ingevette bakplaat. Bak de koekjes ca. 15 minuten in het midden van een ca. 180 tot 190 graden voorverwarmde oven.

Bron: Recept van Gert Vos in : Hemelse Spijzen, een jaarkrans van recepten en hun diepere betekenis Lannoo/Ten Have 2014.

Copyright © 2017 RK Wageningen. Alle rechten voorbehouden.