RK Wageningen

Zondag, 30 april 2017

Orde van Franciscaanse Seculieren

Veel mannen en vrouwen zijn door Franciscus geïnspireerd geraakt en willen naar zijn voorbeeld leven. Dit gebeurde in het verleden en gebeurt vandaag de dag nog steeds. En het zijn mensen van alle leeftijden, die geboeid raken door Franciscus.

Naast de mannelijke en vrouwelijke kloosterlingen (respectievelijk 1e en de 2e Orde) ontstond ook een seculiere 3e Orde (van mensen die niet in een klooster leven, maar juist midden in de maatschappij).

De leden van deze Orde van Franciscaanse Seculieren (OFS), streven een evangelische leefwijze na, waarbij zij zich laten inspireren door Franciscus en Clara van Assisi. Dat ze hier serieus mee bezig willen zij onderstrepen we door het afleggen van een plechtige belofte (professie).

Begrippen als vreugde, eenvoud, dragen, teruggeven, gerechtigheid en verbondenheid met de schepping zijn de kernwaarden in deze franciscaanse leefwijze, waartoe zij elkaar op deze weg stimuleren door middel van bijeenkomsten en gebed.

http://www.ofsnederland.nl/

 

Hoe de Heilige Clara en de Heilige broeder Silvester aan Sint Francisces de raad gaven door de prediking van Gods woord vele mensen te bekeren en hoe hij de Derde Orde stichtte en voor de vogels predikte en de zwaluwen het zwijgen oplegde.

Korte tijd na zijn bekering, toen hij reeds veel gezellen had bijeen gebracht en in de Orde had opgenomen, dacht Christus’ nederige dienaar Franciscus veel na en verkeerde hij in grote onzekerheid over wat hij moest doen; of hij alleen maar bedacht moest zijn op het gebed of ook nu en dan moest prediken. Vurig verlangde hij dienaangaande Gods wil te kennen. En daar de nederigheid, die hij bezat, hem afhield van zelfingenomenheid en van te groot vertrouwen in eigen gebed, vatte hij het plan op Gods wil te achterhalen door het gebed van anderen.

Daarom riep hij broeder Masseüs bij zich en zei hem: ‘Ga naar zuster Clara en zeg haar namens mij, dat zij tezamen met een van haar meest godvruchtige gezellinnen in vroom gebed aan God wil vragen, dat Hij mij openbare wat het beste is: ofwel dat ik het woord Gods ga prediken, ofwel alleen op het gebed bedacht zal zijn. En ga daarna naar broeder Silvester en zeg hem hetzelfde.

In de wereld was dit die heer Silvester geweest, die uit de mond van Franciscus een kruis had zien komen, dat in de lengte tot aan de hemel reikte en in de breedte tot aan de uiteinden der wereld. Deze broeder Silvester was zo vroom en zo heilig, dat hij in zijn gebed altijd door God werd verhoord en verkreeg wat hij vroeg. Dikwijls ook sprak hij met God. En daarom was Franciscus hem zeer genegen.

Broeder Masseüs ging dus op weg en bracht eerst aan zuster Clara en toen aan broeder Silvester de boodschap van Franciscus over. En zodra broeder Silvester de boodschap had ontvangen, begon hij terstond te bidden en al biddend verkreeg hij het antwoord Gods, waarop hij zich tot broeder Masseüs wendde met de woorden: ‘Dit is wat God zegt en wat je aan broeder Franciscus moet zeggen: God heeft hem in deze staat geroepen niet alleen voor zijn eigen zielenheil, maar opdat hij vruchtbaar werk verrichte voor de zielen en er velen door zijn toedoen zalig worden.’ En toen hij dit antwoord ontvangen had, keerde broeder Masseüs terug naar Clara om te horen wat zij van God vernomen had. En zij antwoordde, dat zij en de andere zusters hetzelfde antwoord van God ontvangen hadden als broeder Silvester.

En met deze antwoorden keerde broeder Masseüs naar Franciscus terug, die hem met grote liefde ontving, hem de voeten waste en een maaltijd voor hem gereed maakte. En na het eten ontbood Franciscus broeder Masseüs in het bos, waar hij voor hem op de knieën viel, de kap over het hoofd trok en met gekruiste armen vroeg: ‘Wat beveelt mijn Heer Jezus Christus mij te doen?’ Hierop antwoordde broeder Masseüs, dat Christus zowel aan broeder Silvester als aan zuster Clara en aan de andere zuster had geantwoord en geopenbaard, ‘dat het zijn wil is, dat gij de wereld in gaat om te prediken, omdat Hij u niet heeft uitverkoren voor uzelf alleen, maar ook voor het zielenheil van anderen.’ En toen Franciscus dat antwoord ontvangen had en daardoor de wil van Christus had vernomen, stond hij in grote vurigheid van geest op en zei: ‘Laten wij dan gaan in de naam van God.’ En tot reisgezellen nam hij broeder Masseüs en broeder Angelus, die heilige mannen waren. En geleid door de geest Gods, zonder te letten op weg of pad, kwamen zij in een dorp, dat Camaro heette. En

Franciscus begon te prediken, nadat hij eerst de zwaluwen die daar aan het kwetteren waren, had opgedragen stil te zijn totdat hij zijn preek beëindigd had. En de zwaluwen gehoorzaamden hem. En toen predikte hij daar met zulk een vurigheid van geest, dat alle mannen en vrouwen van dat dorp zo godvruchtig werden dat zij hem wilden volgen en het dorp wilden verlaten. Maar Franciscus verzette zich daartegen en zei hun: ‘Doet niets overijls en gaat hier niet vandaan; ik zal u zeggen wat ge moet doen voor het heil van uw ziel.’ En bij die gelegenheid vatte hij het plan op de Derde Orde te stichten als een middel tot veler zielenheil. En zo liet hij hen zeer vertroost en tot een beter leven geneigd achter, en vertrok hij vandaar naar de streek, die gelegen is tussen Camaro en Bevagno. 

En in diezelfde geestdrift verder trekkend sloeg hij de ogen op en zag hij terzijde van de weg enkele bomen, waarin een onnoemelijk aantal vogels zat. Franciscus verbaasde zich daar zeer over en zei tot zijn broeders: ‘Wacht hier op me, dan zal ik voor mijn zustertjes de vogels een preek houden.’ Toen ging hij het open veld in en terstond kwamen ook de vogels, die in de bomen zaten naar hem toegevlogen, en allen bleven roerloos voor hem zitten tot hij zijn preek beëindigd had. En ook toen gingen zij niet weg, voor hij hun zijn zegen gegeven had. En, zoals broeder Masseüs en broeder Jacobus de Massa later vertelden, verroerde geen enkele vogel zich toen Franciscus tussen hen doorliep en ze met zijn pij raakte.

De inhoud van de prediking van Franciscus was in grote lijnen de volgende: ‘Dierbare zustertjes vogels, jullie zijn God, je schepper, veel dank verschuldigd en ge moet Hem altijd en overal verheerlijken, omdat Hij jullie de vrijheid heeft gegeven om te vliegen waar je maar wilt en tevens omdat Hij je dubbele of zelfs drievoudige kleding geschonken heeft en enkelen van jullie in de ark van Noë heeft opgenomen, opdat je soort in stand zou blijven. Ook zijn jullie hem veel dank verschuldigd voor het element de lucht, dat Hij je heeft toegewezen. Daarbij komt nog dat, alhoewel ge zaait noch oogst, God je voedt en je rivieren en bronnen geeft om te drinken, en bergen en dalen om je in veiligheid te brengen, en hoge bomen om er je nest te bouwen. En daar jullie niet kunnen spinnen noch zaaien, kleedt God je, jullie en je kinderen. God bemint je dus wel in hoge mate, daar Hij je met zoveel weldaden overlaadt. Wacht je daarom, geliefde zustertjes, voor de zonde van ondankbaarheid, doch wees er altijd op bedacht God te verheerlijken.’

Terwijl Franciscus aldus tot hen sprak, deden al die vogeltjes hun bekjes open, rekten zij hun halsjes, spreidden zij hun vleugeltjes uit en bogen zij eerbiedig hun kopjes tot aan de grond, en toonden zij door gebaar en getjilp, dat de woorden van de heilige vader hun groot genoegen deden. En Franciscus deelde die vreugde en blijdschap met hen en verbaasde zich zeer over die grote hoeveelheid vogels en over hun prachtige verscheidenheid en over de aandacht, waarmee zij naar hem luisterden en alle schuwheid hadden afgelegd. En daarom prees hij in hen godvruchtig de Schepper.

En toen Franciscus zijn prediking besloten had, maakte hij een kruisteken over hen en gaf hun verlof weer weg te vliegen. Daarop vlogen al die vogeltjes tegelijk op onder wonderschoon gezang en gingen in vier groepen uiteen volgens het kruis, dat Franciscus over hen gemaakt had. En zo vloog een deel ervan naar het oosten, een deel naar het westen, de derde groep naar het zuiden en de vierde naar het noorden. En iedere groep zong al vliegend zijn mooiste lied. En door zingend uiteen te gaan naar de vier windstreken der wereld, volgens het kruisteken dat Franciscus, de drager van Christus’ kruisbanier, over

hen gemaakt had, gaven de vogels te kennen dat de boodschap van Christus’ kruis, zoals zij door Franciscus weer was opgevat, door hem en zijn broeders in heel de wereld moest worden uitgedragen en dat die broeders, evenals de vogels, niets op deze wereld in eigendom mochten hebben, maar zich voor hun levensonderhoud moesten verlaten op Gods Voorzienigheid alleen. Tot lof van Christus. Amen.

Uit De Fioretti van Sint Franciscus 16

Copyright © 2017 RK Wageningen. Alle rechten voorbehouden.